Wat zijn die patatjes toch lekker. De aardappel, die er onterecht van wordt beschuldigd een dikmaker te zijn, kan net gebruikt worden om de voeding van kinderen in evenwicht te brengen. Dat doen ze doordat ze complexe koolhydraten bevatten, die essentieel zijn voor het evenwicht.
Aardappels alom
De aardappel is een " groente " die onontbeerlijk is voor de groei van uw kind. Omdat hij erg veel complexe koolhydraten bevat (zo’n 20 g per 100 g), geeft de aardappel erg veel energie. Vandaar dat hij wordt ondergebracht bij de zetmeelhoudenden, niet bij de groenten.
Zijn positieve eigenschappen
De aardappel bevat een belangrijke hoeveelheid kalium (370 mg/100 g) en magnesium (21 mg/100 g). We halen er verder een grote waaier oligo-elementen uit, zoals ijzer (0,4 mg/100 g), zink en koper die de opname van ijzer door het organisme bevorderen, mangaan, kobalt, jodium enz. Ook het gehalte vitamine C is interessant: 10 tot 15 mg per 100 g gewone aardappels, en zelfs tot 35 mg per 100 g bij nieuwe aardappels. Zijn vitamine B is dan weer goed voor de zenuwen en de spieren. Hij bevat meer of minder calorieën naargelang de bereiding: 81 kcal en 0,1 g vetten per 100 g gekookte aardappels, tegenover 274 kcal en 15 g vetten voor frieten en 521 kcal en 36 g vetten voor chips!
De ideale bereiding
Je maakt ze het best klaar in de oven, in de schil, of gestoomd om de mineralen optimaal te bewaren. Maak ze goed schoon en leer je kindje om de schil ook op te eten, zeker bij nieuwe aardappels.
Vanaf 12 maanden mag je kind ze elke dag eten, zo’n 1 of 2 kleintjes per dag. Varieer de smaken door ze klaar te maken met kruiden (peterselie, basilicum) of in puree of stoemp (spinazie, wortelen).
Welke aardappel?
Alle soorten zijn lekker: leer je kind onderscheid te maken tussen de verschillende soorten en smaken naargelang het type: bintjes, rattes, charlottes, corme de gatte... Kies ze liefst met stevig vruchtvlees, normaal of nieuw. Maar welke aardappel je ook kiest, kies ze met een gladde schil, oppervlakkige "ogen" en zonder ziektes. De kleur moet egaal zijn, zonder vlekken of groene schijn.
Tip voor fijnproevers
Merk je dat een groente (kool, artisjok, schorseneren, tuinbonen) problemen veroorzaakt met de spijsvertering (opgeblazen gevoel, (te) vlotte stoelgang) of dat de smaak niet in de smaak valt, serveer ze dan met aardappel - dat zou moeten helpen.